Voorjaarsproject 2009

Klank-in-Passie
Het project Klank-in-Passie bestaat uit een bewerking van de Matthäus Passion voor strijkorkest en verteller.

De landelijk bekende actrice Margreet Blanken zal het lijdensverhaal van Christus vertellen. Twee strijkorkesten spelen de aria’s en koralen die een muzikaal commentaar, of misschien beter gezegd een meditatie, op het lijdensverhaal vormen, in een bewerking van Bach’s muziek door Joris Peters.

Dit bijzondere project staat onder muzikale leiding van dirigent Dirkjan Horringa.

Dirkjan Horringa

Dirkjan Horringa studeerde koor- en orkest­directie bij Reinier Wakelkamp en David Porcelijn aan het Utrechts Conservatorium. Daarnaast studeerde hij muziekweten­schap aan de Rijksuniversiteit Utrecht. Als vaste dirigent werkt hij met het Utrechts vocaal ensemble Trajecti Voces en Cappel­la ad Fluvium Arnhem. Hij wordt veelvuldig gevraagd voor het leiden van projecten, onder andere met het Haags Kamerkoor, het Haags Vocaal Ensemble, VOCA Deventer, PassieVoorPasen en het La Pellegrina Project­Orkest. Hij vervulde gastdirigentschappen bij diverse ensembles in met name Oost-Europa, o.a. het Praagse vocaal ensemble Vaganti, Musitshnyj Asam­blej (Kiev), Confido Domino (Minsk) en het Litouwse vocale ensemble Brevis.

Zijn specialisme is de muziek van renaissance en barok en hedendaagse muziek, met een accent op historisch muziektheater. Vooral op het gebied van madrigaalkomedies (Banchieri’s Barca di Venetia per Padova en Festino di Giovedì grasso) en barokopera’s van onder meer Purcell (Dido and Aeneas, The Fairy Queen) en Monteverdi (L’Orfeo) is hij de laatste jaren actief geweest. Maar het klassieke en romantische symfonische repertoire gaat hij niet uit de weg, getuige de programma’s van de internationale zomercursussen van La Pellegrina rond Mozart en Dvor(ák in Bechyne(, Tsjechië. Hij is daar artistiek leider, coacht kamermuziek en dirigeert het orkest.

Dirkjan Horringa schoolt ook musici, bijvoorbeeld aan de meerjarige dirigentenopleiding van Unisono. Met Cappella ad Fluvium zette hij de Matthäuspassion van Johann Theile uit 1673 op CD. Met het KamerOrkest Driebergen nam hij een CD op met voornamelijk hedendaagse Nederlandse symfonische muziek. Met Trajecti Voces en het La Pellegrina ProjectOrkest nam hij een live-registratie van het Requiem van Dafydd Bullock (* 1953) op.

Margreet Blanken

Margreet Blanken volgde haar opleiding aan de Toneelschool in Arnhem. Van 1963 tot 1987 was zij verbonden aan de Toneelgroep Theater in Arnhem, waar ze werkte met diverse regisseurs waaronder Hans Croiset en Elise Hoomans. Bij het grote publiek werd ze bekend door haar rol van zuster Reini in de televisieserie Medisch Centrum West en later als Heleen in het programma Spoorloos verdwenen.

In haar lange toneelcarrière speelde ze o.a. in Vrouwen van Troje van Sartre, Peer Gynt van Ibsen, Al mijn zonen van Arthur Miller, Phaedra van Racine, Traan op een Tompoes van Annie M.G. Schmidt en De Caracal van Judith Herzberg. Haar regiewerk omvat o.a. Brieven van Vincent en Beethoven, solo-voorstellingen gespeeld en geschreven door Klaas Hofstra, in de Beethoven-solo bijgestaan door de pianiste Regina Albrink.

De laatste jaren heeft Margreet Blanken zich vooral toegelegd op de solo-voorstelling Etty, waarmee ze nog steeds door het land reist. Ze maakte deze voorstelling aan de hand van de nagelaten dagboeken van de in 1943 omgekomen joods-Nederlandse vrouw Etty Hillesum.

Het meest recent is haar autobiografische solo-voorstelling Alles in de wind, waarin ze op speelse wijze het publiek meeneemt op een reis door haar leven en een aantal van haar eigen levensvragen en thema’s aan de orde stelt.

Meditatie op Bachs Matthäus Passion

Een bewerking van een van Bach’s grootste meesterwerken, kan dat? En zo ja, waarom zou je het doen? Dat waren de twee belangrijkste vragen die wij ons stelden toen we het idee opvatten om deze bewerking te gaan maken.

Maar eigenlijk leent de Matthäus zich wel voor een bewerking als de onze. Wat misschien niet iedereen zich realiseert is dat de Matthäus uit drie ‘lagen’ bestaat.

De eerste laag is natuurlijk het lijdensverhaal van Christus, waar de hele Passie om draait. Dit verhaal wordt in Bach’s origineel hoofdzakelijk verteld door de Evangelist, al komen ook andere figuren uit het verhaal aan het woord. Zelfs het koor heeft af en toe een rol als het verhaal om een grote menigte vraagt. Wij hebben er voor gekozen om in onze bewerking het verhaal uitsluitend bij de verteller, in dit geval de actrice Magreet Blanken, neer te leggen. De verteller neemt dus eigenlijk de rol van de Evangelist op zich en functioneert als een ‘alwetende verteller’.

Naast deze eerste laag is een groot deel van de muziek in Bach’s Matthäus gewijd aan een soort van commentaar of meditatie op de actie van het lijdensverhaal. Bach giet dit commentaar in de vorm van recitatieven en aria’s die niet door concrete personages uit het lijdensverhaal worden gezongen. Bekende aria’s als “Buss und Reu” en “Erbarme dich” zijn voorbeelden van aria’s die geen deel uitmaken van het verhaal, maar er thematisch wel aan verbonden zijn. Deze recitatieven en aria’s hebben wij bewerkt voor strijkorkest. De solozangers zijn vervangen door een solist uit het orkest (sopraan wordt daarbij viool, alt wordt viool of altviool, tenor wordt altviool en bas wordt cello). Ook de begeleiding wordt aangepast aan het strijkorkest, natuurlijk zonder dat de muziek verandert. Gaat er dan niets verloren als je een zangpartij omzet naar een strijkinstrument? Wij denken dat de muziek niet aan kracht inboet door het omzetten van zang naar strijkinstrument, maar oordeelt u vooral zelf!

En dan is er uiteindelijk nog de derde laag, de koralen. In Bach’s tijd (toen de Matthäus nog geen concertmuziek was, maar in de kerk werd uitgevoerd) werden de koralen door de gemeente, het publiek dus, gezongen. De teksten zijn dus eigenlijk weer het commentaar van ‘het volk’ op wat er in het lijdensverhaal gebeurt. Een mooi voorbeeld hiervan is de koraal “Ich bin’s, ich sollte büssen”, die in de Matthäus direct volgt op de vraag die de apostelen aan Jezus stellen: Ben ik het, Heer, die u zal verraden?

Een aantal van deze koralen hebben wij ook voor strijkorkest bewerkt.

Tot slot nog een technisch detail, maar niet onbelangrijk voor deze bewerking. Bach schreef de Matthäus voor twee orkesten en twee koren. Wij hebben er dan ook voor gekozen om het strijkorkest in tweeën te splitsen, waardoor twee orkesten ontstaan, ieder met een bezetting van vier 1e violen, vier 2e violen, drie altviolen, twee celli en één contrabas. In een aantal delen, waaronder het machtige eerste deel, maar ook het spectaculaire “Sind Blitze, sind Donner”, gebruikt Bach het effect dat hij de koren (in ons geval orkesten) op elkaar laat reageren. Dit effect wilden wij in onze bewerking niet verliezen en daarom hebben ook wij gekozen voor een tweedeling van onze krachten.

De bezetting

Eerste orkest


Eerste viool

Marianne de Leur (cm)

Geertje Meijer

Gaby van Hoof

Robert Jan van der Donck

 


Tweede viool

Beatrix Melsinga

Pieter Groen

Margreet van der Kleij

Thijs Emons

 


Altviool

Cocky Anderson

Emely de Graaf

Paul Robroek

 


Cello

Mike Wiering

Miranda van Hooff

 


Contrabas

Meiltje Barels

 

Tweede orkest


Eerste viool

Hester Hendriks

Olga van der Hoeden

Anna van Rijnsoever

Heleen van Campen

 


Tweede viool

Fons Plasschaert

Jan Hein Egbers

Roelien Elgersma

Gemma Paus

 


Altviool

Roland van Abel

Hans van der Beek

Eveline Wuis

 


Cello

Joris Peters

Simeon Nieman

 


Contrabas

José Sisson

 

 

Recensies

Opname

Opname van concert 5 april: download

Video